
In België leven heel wat mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA), de prevalentie wordt geschat op 1.7 à 2%. Deze aandoeningen — psychotische stoornissen, bipolaire stoornissen, ernstige depressies, persoonlijkheidsstoornissen of dubbele diagnoses — gaan vaak gepaard met moeilijkheden op meerdere levensdomeinen. Hoewel de zorg meestal wordt opgestart binnen een gespecialiseerde psychiatrische setting, brengen veel van deze personen vandaag meer tijd thuis door en doen zij steeds vaker een beroep op de eerstelijnszorg.
Hun zorgnoden beperken zich echter niet tot de psychische gezondheid. Somatische klachten komen vaak voor, soms gelinkt aan leefstijl of aan psychotrope medicatie, maar worden regelmatig onvoldoende opgespoord of pas laat behandeld. Eerstelijnsprofessionals worden daardoor geconfronteerd met complexe zorgvragen, in een context waarin de samenwerking tussen somatische zorg en geestelijke gezondheidszorg niet altijd optimaal verloopt.
Een richtlijn om de somatische zorg te structureren en te verbeteren
Om deze uitdagingen aan te pakken, ontwikkelden de Universiteit Antwerpen en de UCLouvain een multidisciplinaire klinische richtlijn die professionals ondersteunt bij het organiseren van aangepaste somatische zorg voor volwassenen met een EPA die de eerste lijn consulteren. Het doel: duidelijke, Evidence‑Based aanbevelingen aanbieden, afgestemd op de Belgische zorgcontext.
De richtlijn omvat vier essentiële dimensies:
De richtlijn wil zorgverleners ondersteunen in hun klinische besluitvorming en tegelijk de integratie tussen geestelijke gezondheidszorg en somatische zorg versterken.
Een implementatieplan om de toepassing van de richtlijn te vergemakkelijken
Om de richtlijn te ondersteunen en het gebruik ervan in de praktijk te versterken, werd een uitgebreid implementatieplan ontwikkeld. Uit de 27 aanbevelingen van de richtlijn werden de aanbevelingen geselecteerd met de grootste potentiële impact; 10 aanbevelingen werden als prioritair beschouwd.
Voor elk van deze prioritaire aanbevelingen identificeerden de auteurs de belangrijkste barrières en facilitatoren, op basis van:
Op basis hiervan werden concrete strategieën geformuleerd om de kans op een succesvolle implementatie te vergroten. Enkele voorbeelden:
Tot slot werden implementatie‑indicatoren ontwikkeld om de adoptie van de aanbevelingen op te volgen. Deze indicatoren zijn opgenomen in de richtlijn en helpen teams om hun vooruitgang systematisch te evalueren.
Projectverantwoordelijken:
Universiteit Antwerpen – Faculty of Medicine and Health Sciences, UCLouvain
Uitvoeringsjaren:
2023-25
Looptijd:
18 maanden
Betrokken beroepsgroepen:
Huisartsen, psychiaters, (thuis)verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten, klinisch psychologen, maatschappelijk werkers, ergotherapeuten, apothekers, andere betrokken medisch-specialisten (cardioloog, pneumoloog, tandarts, diëtist, tabakoloog, mondhygiënist, kinesist, beweegcoach, …).